|
Zakkenrollerij
Dit boek heeft als hoofdonderwerp
zakkenrollerij. Niettemin wordt er zo nu en dan een uitstapje
gemaakt naar andere, aanverwante criminaliteit. De oorzaak
hiervan is dat een scheiding tussen zakkenrollerij en andere
manieren van stelen vaak flinterdun is.
De verschillende begrippen.
Wat moet worden verstaan onder
zakkenrollerij, is vastgelegd in De Dikke Van Dale en wordt als
volgt omschreven: “op een behendige manier iets uit iemands zak
stelen.”.
In politiekringen worden daders
van tassendiefstal en tassenrollerij ook vaak zakkenrollers
genoemd. Als een zakkenroller op de dieventoer is, bepaalt de
situatie of hij een zak rolt, een tas rolt of een tas steelt.
Uit spraakgebruik weten we over
het algemeen wel wat met zakkenrollerij bedoeld wordt. Het is de
manier van stelen die bepaalt of een diefstal kan worden
weggeschreven als zakkenrollerij. Een zakkenroller heeft veelal
een behendige manier van stelen ontwikkeld om vooral
portemonnees uit zakken of tassen van slachtoffers weg te nemen,
al dan niet in samenwerking met een andere dader dan wel
medeplichtige. Van zakkenrollerij kun je spreken als het
slachtoffer het gestolen goed, een tas of portemonnee, bij zich
droeg op of aan het lichaam, en dat het slachtoffer in de
onmiddellijke omgeving van de diefstal aanwezig was en het goed
onder haar of zijn beheer had.
Deze uitbreiding van de
omschrijving van zakkenrollerij wordt vaak door
politieambtenaren gebruikt. Een definitie zou geen definitie
zijn als er geen grensgevallen zijn. Een ieder kan die bedenken.
Een tas die aan een kinderwagen hangt, die onbeheerd wordt
achtergelaten, levert volgens bovengenoemde omschrijving wat
minder snel zakkenrollerij op, indien de daarin aanwezige
portemonnee gestolen wordt. Ook het stelen van een portemonnee
uit een jas die aan een kapstok hangt in een restaurant, kan
eigenlijk geen zakkenrollerij worden genoemd. Voor alle
duidelijkheid het in de vorige zin genoemde kan dan wel geen
zakkenrollerij zijn, diefstal blijft het natuurlijk wel.
Nog even dit, de diefstal uit een
tas van iemand die deze bij zich draagt, wordt in politiekringen
tassenrollerij genoemd. Dit woord komt echter niet voor in de
Nederlandse taal. Niettemin wordt dit woord tassenrollerij
dikwijls gebruikt in processen-verbaal contra zakkenrollers. De
rechterlijke macht heeft er kennelijk weinig problemen mee dat
dit woord zijn intrede heeft gedaan.
Ik neem aan dat u weet wat stelen is, anders zou u
waarschijnlijk niet geďnteresseerd zijn in het onderwerp
zakkenrollerij. Het voert mij te ver om een hele verhandeling te
houden over alle ins en outs van stelen. Ik wil eigenlijk alleen
met dit boek bereiken dat u met een groot aantal
wetenswaardigheden over het onderwerp zakkenrollerij bekend
raakt. Het boek bevat een aantal door mijzelf verrichte
aanhoudingen van zakkenrollers, alsmede de verschillende
werkwijzen van de zakkenrollers. Ook zal enige uitleg worden
gegeven over poging tot diefstal en uitlokking daartoe. Als u
dit boek heeft gelezen en vervolgens ook nog de daartoe
strekkende tips opvolgt, dan is de kans groot dat u nimmer het
slachtoffer wordt van een zakkenroller.
Het oudste beroep menen wij te
kennen, maar ik ben er van overtuigd dat het beroep van dief op
een goede tweede plaats komt. Een typisch voorbeeld van een
fotofinish volgens mij. Alles wat te stelen valt kan worden
gestolen. Zelfs mensen worden gestolen. Slaven- en vrouwenhandel
is daar een voorbeeld van. Zelfs delen van mensen blijken niet
gevrijwaard van diefstal.
Toch heb ik het idee dat wij in de
Westerse wereld niet mogen klagen. Al heeft iedereen natuurlijk
wel zijn bedenkingen. Zo gauw mensen waardevolle attributen in
bezit hebben zijn er altijd anderen die menen dat zij daar ook
recht op hebben. Vooral als men te koop loopt met bepaalde
artikelen, loop je al snel de kans dat een ander meent dat hij
die even moet “lenen” Adverteren doet immers begeren.
Dan nog een waarheid als een koe.
Van een kale rat wordt niet gejat. Maar ja, welke bewoner van
Nederland bezit nu niets, niet velen neem ik aan. Zelfs zwervers
worden bestolen van het weinige wat ze hebben. Daar was ik
enkele malen getuige van.
De laatste decennia bezitten
mensen veel goederen die zij niet constant in het oog kunnen
houden. Fietsen op de straat, auto’s op de parkeerplaats, dieren
in de wei, etc. Allemaal goederen die je niet thuis houdt, omdat
je er daar niets aan hebt. Tegenwoordig heeft ieder lid van het
gezin veel bezigheden buitenhuis en kan er weinig op het huis
worden gelet, met voor inbrekers gunstige omstandigheden. Ja,
met het hebben van bezit loop je nu eenmaal het risico het kwijt
te raken, als je daar niet goed op let.
Iedere tijd heeft zijn favoriete
buit. Op dit moment zijn de autoradio’s een beetje uit de tijd.
Alleen de radio’s van de duurdere soort worden nog geheeld. Een
goedkoop exemplaar of een uit het jaar kruik levert geen fluit
meer op. Maar niet getreurd, hoor ik de straatcrimineel denken,
de halve straat loop nu onder andere met zo’n kletsijzer aan
zijn/haar oor en die zijn goed aan de man te brengen als een
vrachtje dat van de overbekende vrachtwagen is gevallen. In 1980
werden er geen GSM’s gestolen. Simpel of niet. In 2000 werden er
120.000 gestolen.
Van mensenhandel naar diefstal van
een GSM is nogal een stap Het “stelen” is de
gemeenschappelijke factor. Dit stelen was en zal tot het einde
der tijden strafbaar blijven, omdat niemand de behoefte heeft
producten te kopen die straffeloos kunnen worden afgenomen. Zou
je wel straffeloos kunnen stelen, dan zullen er weinig
producten meer geproduceerd of verbouwd worden. Stelen is
makkelijker dan telen. Ook zul je als bezitter alles
op alles zetten om je bezit te behouden. Bepaalde klassen
in de Zuid Amerikaanse bananenrepubliek kunnen zichzelf of hun
bezit alleen maar verdedigen met huizenhoge muren om hun huis en
waakhonden in de tuin. Stelen zal strafbaar blijven, al zou het
goed zijn als het verschil tussen arm en rijk beperkt blijft.
|