LANGEVINGERS.NL

 

HOME

Wie het laatst lacht...

Nog zo’n geval waarin de aangever niet zo slim was.

Een aantal jaren geleden liep ik samen met een aantal collega’s in de Kalverstraat te Amsterdam, op een tijdstip dat er behoorlijk veel winkelend publiek aanwezig was. Na een tijdje kregen wij een man en vrouw in de gaten die kennelijk veel belangstelling hadden voor tassen die min of meer onbeheerd stonden in schoenenzaken. Toch sloegen zij daar niet toe. Tijdens het volgen van deze personen zagen wij dat zij op een gegeven moment een kledingzaak binnen gingen. Ze liepen door de winkel en gaven hun ogen kennelijk goed de kost. Op een gegeven moment pakte de man een kledingsstuk uit een rek en ging een kleedhokje binnen. Er waren drie kleedhokjes, waarvan er al twee bezet waren.  Na ongeveer 2 minuten verliet de man het kleedhokje en liep samen de vrouw de winkel uit.

Omdat wij niet al hun gedragingen hebben kunnen zien, liep ik de winkel in, terwijl mijn collega’s de man en de vrouw bleven volgen. In  de winkel riep ik luid en duidelijk dat ik van de politie was. Ik vertelde dat er zojuist zakkenrollers in de winkel waren geweest en vroeg of er iemand iets kwijt was. Verschillende mensen keken hun zakken en tassen na. Tegelijkertijd ging het gordijn van een kleedhokje open. Dit kleedhokje grensde aan het hokje waarin de zakkenroller  had gezeten. Er kwam een jongeman te  voorschijn, gekleed in onderbroek. Terwijl hij in zijn onderbroek keek riep hij: ”Ja, ik mis wat”.  Normaliter kan ik een grapje wel waarderen, maar nu kwam het mij niet zo gelegen. Ik herhaalde mijn vraag, maar de jongeman had nu niet bepaald de intentie om mij serieus te nemen en ging lachend zijn kleedhokje weer in.  Ik verliet de winkel en kon later samen met collega’s de man en de vrouw aanhouden toen zij een tas hadden gestolen die aan de rugleuning van een stoel hing waarop de eigenaresse zat. Samen met deze aangeefster gingen wij naar het politiebureau. Tot mijn grote verbazing zag ik daar de man zitten die een en ander met een grapje had afgedaan.

Zijn  portemonnee was uit zijn broek gestolen, toen hij zijn broek had uitgetrokken en op de vloer van het kleedhokje had laten liggen bij het omkleden. De mannelijke verdachte had twee typisch opgevouwen bankbiljetten van 200 gulden bij zich in het zakje van zijn overhemd. Ja, en die 200 gulden was onze grapjas kwijt.  De officier van justitie mocht vervolgens beslissen of hij de 200 gulden terug kon krijgen.

U begrijpt nu dat kleedhokjes niet bepaald veel bescherming bieden tegen lieden die het op uw spullen gemunt hebben. Laat in ieder geval niets op de vloer liggen of staan, want de wanden van de kleedhokjes lopen vaak niet door tot de vloer, zodat een kwaadwillende, in een kleedhokje naast u, vrij gemakkelijk aan uw spullen kan komen. Laat er ook geen eigendommen achter als u het kleedhokje verlaat om wat voor reden dan ook.

Professionele zakkenrollers zijn natuurlijk niet slim geworden van de een op de andere dag. In de loop der jaren en met de adviezen van andere leden van hun bende hebben ze allerlei manieren van “werken” geleerd om de burgers en politie op het verkeerde been te zetten.

 

De Hoofdstukken:

Rollers op de Munt

Geduld is een...

Het metrostation

Kip op het Damrak

De telefooncel

De kindervriend

Koreaanse verwarring

De marktkraam

"Dappere" rollerij

Paniek in de tram

De fietstas

Open en bloot

Wie het laatst lacht

De dubbele bodem

Balletje, balletje

De race

Opzetje?

Haarlemmerolie

De zigeunerkinderen

Zonder geluk

Twee in één klap

De bagagekluis

De saxofoon

De Roode Leeuw

De speelhal

Het rolluik

Het terras

Tramlijn 16

Sex op de tram

De hotel-lobby

Het kabelkastje

De wisseltruc

Bijna bedonderd